Zakelijke evaluatiecriteria 2018

Zakelijke elementen

Evaluatiecriteria

§2. De jaarlijkse subsidie wordt verantwoord op basis van het voortgangsrapport, het financieel verslag en de begroting. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden voor de indiening ervan. De organisatie voor sociaal-cultureel volwassenenwerk legt jaarlijks de rekeningen van het vorige jaar met de nodige bewijsstukken voor, alsook een door de algemene vergadering goedgekeurde sluitende begroting. Uit de afrekening en de balans moet blijken dat de organisatie, rekening houdend met de eigen middelen, sluitend of batig kan werken. Een batig saldo in de resultatenrekening verplicht de organisatie tot het opbouwen van een financiële reserve. Die reserve moet aangewend worden ter financiering van uitgaven die bijdragen tot de realisatie van de doelstellingen van de organisatie.
  • De jaarlijkse subsidie wordt verantwoord in het kader van de uitvoering van het beleidsplan.
§ 3. Bij afwijking kan de jaarlijkse verantwoording van de subsidie-enveloppe leiden tot de vorming van een subsidiereserve op voorwaarde dat:

  • 1° de organisatie deze werkwijze expliciet vaststelt in het ingediende en goedgekeurde beleidsplan;
  • 2° de organisatie deze werkwijze telkens expliciet in het voortgangsrapport duidt en verantwoordt;
  • 3° de gereserveerde subsidie in één van de volgende jaren van de beleidsperiode in kwestie besteed wordt conform het voortgangsrapport en beleidsplan;
  • 4° de subsidie-enveloppe, toegekend voor het totaal van de beleidsperiode, niet overschreden wordt.
  • Reserves die opgebouwd worden vanuit de subsidies moeten aangewend worden ter financiering van uitgaven die bijdragen tot de realisatie van de doelstellingen van de organisatie.
§ 4. Om subsidies te genieten en te blijven genieten moeten de organisaties voor sociaal-cultureel volwassenenwerk bovendien:

  • 1° een boekhouding voeren volgens het genormaliseerde boekhoudkundige stelsel en die zo organiseren dat de financiële controle op de aanwending van de subsidies mogelijk is; de Vlaamse Regering kan een specifiek boekhoudkundig plan en bijzondere regels betreffende de boekhouding opleggen;
  • 2° aanvaarden dat de administratie de werking en de boekhouding, eventueel ter plaatse, onderzoekt;
  • 3° hun bestuurders en hun medewerkers verzekeren tegen de burgerlijke aansprakelijkheid van de organisatie.
  • Er wordt een boekhouding gevoerd volgens het genormaliseerd boekhoudkundig stelsel.